Kwikzilver
Ergens diep in mij zit nog steeds kabouter Kwikzilver. Dat was mijn kabouternaam. Ik was op en top kabouter, kende de kabouterwet en de belofte uit mijn hoofd. Nog steeds ken ik de liedjes en weet nog feilloos waar mijn ‘zakinhoud’ uit behoorde te bestaan: pen en papier, stukje touw, aftekenkaart, schone zakdoek én mijn kabouterlach. Dat waren de vaste ingrediënten van je kabouteruitrusting. Aanpakken, zorgzaam zijn voor mens, dier en natuur, samen spelen, hulpvaardig zijn en afmaken wat je begint. Dat werd me bijgebracht in mijn kaboutertijd en het past me nog steeds wonderwel.
Toen kon ik niet vermoeden dat mijn leven en werk later in het teken van theologie en communicatie zouden komen te staan. En nog specifieker: de niche van de kerkbladen. Wekelijks begeleid ik RK en PC kerken in het hele land bij de omvorming van hun kerkblad oude stijl naar nieuwe stijl. Ik spoor hen aan om van hun kerkblad het visitekaartje van hun kerk te maken en zich te richten op 100% van de ingeschreven leden.
Die 100%-communicatie is vaak een eye opener. Over het algemeen wordt er met slechts 15%, oftewel de harde kern, van de achterban gecommuniceerd. Maar als je je missie als kerk serieus neemt, als je in het voetspoor van Jezus Christus wilt leven en dat ook naar buiten wilt uitdragen, dan is die overige 85% net zo belangrijk. Mijn advies: knip het dunne lijntje met deze mensen niet door, maar voorzie dat lijntje juist van knopen in de vorm van een aantrekkelijk, regelmatig verschijnend kerkblad.
Mijn zakinhoud zit tegenwoordig in een kratje. En voor ik vertrek check ik altijd de inhoud. Beamer, laptop, verlengsnoer, brochures, kleurrijke voorbeeldbladen én natuurlijk: mijn kabouterlach!
Laetitia van der Lans
